Wegdromen bij ‘gezigten’ van stad en platteland: van putten en poorten tot kerken en kastelen

De Amsterdamse uitgever Isaak Tirion bracht dit boek met honderd prenten in 1745 op de markt. Hij deed dat ter aanvulling op delen uit zijn verzamelwerk over stad en platteland in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Die delen bevatten elk een handvol gravures, maar kennelijk was er vraag naar meer ’gezigten’ van beeldbepalende elementen in de publieke sfeer. De illustraties zijn gemaakt door de bekende topografische tekenaar Jan de Beijer. Deze leerling van de Amsterdammer Cornelis Pronk (1691-1759) werd in 1903 geboren in Aarau (Zwitserland), waar zijn vader als officier huurlingen wierf voor het Nederlandse leger, en overleed in 1780 te Emmerik. In de jaren 1740 zou De Beijer onder meer het dorp Vierlingsbeek hebben gebruikt als uitvalsbasis om rond te reizen en wat hij zag aan het papier toe te vertrouwen. Dit exemplaar bevat een eigendomskenmerk van het begin negentiende eeuw opgerichte kleinseminarie Culemborg. Hoeveel kandidaat-priesters zullen zich hebben vergaapt aan de oude aangezichten van bijvoorbeeld de Hampoort te Grave of het Stadhuis en de Markt van Bergen op Zoom?