Oost-Indische compagnie

De uitvinding van de chinoiserie: Joan Nieuhofs verslag van zijn reizen door China

Joan Nieuhof, geboren in Uelsen in het graafschap Bentheim, bracht het grootste deel van zijn leven buiten Europa door. Zijn reis door China, van 1655 tot 1657, was mogelijk omdat, Shunzhi, de nieuwe keizer, het land opende voor buitenlandse reizigers. De VOC zond Nieuhof als gezant naar het hof en droeg hem op onderweg te beschrijven wat hij tegenkwam. De missie faalde als handelsmissie, maar leverde een schat aan informatie op over dorpen en steden, over zeden en gewoonten. Nieuhof deed er uitvoerig verslag van en maakte talrijke schetsen en tekeningen. Toen hij in 1657 terugkeerde naar Amsterdam liet hij zijn papieren achter bij zijn broer. Samen met de uitgever en graveur Jacob van Meurs maakte die er een boek van dat in 1665 verscheen (het Nijmeegse exemplaar is de herdruk uit 1670). Vooral de 150 gravures maakten grote indruk: China raakte in de mode. De chinoiserie, een Europese kunststijl waarbij gebouwen en objecten in Chinese stijl werden gemaakt, kende in de achttiende eeuw grote populariteit. Het werk van Nieuhof was vaak bron van inspiratie.